Rijksoverheid
6 oktober 2010
Alternatieve dekking Eigen Bijdrage GGZ
Geachte voorzitter,
Naar aanleiding van de vragen van 4 oktober jl. van de heer Zijlstra met
betrekking tot de alternatieve dekking voor de eigen bijdrage in de tweedelijns
GGZ, geef ik u hierbij mijn reactie.
Vraag 1:
Zorgverzekeraars Nederland en GGZ Nederland hebben laten weten dat ze bereid
zijn volgend jaar de Praktijk Ondersteuner Huistartsen GGZ landelijk te gaan
uitrollen. De POH's worden betaald vanuit de tweedelijns instellingen maar werken
in de eerste lijn via onafhankelijke stichtingen. De POH's remmen de toestroom
naar de tweede lijn, met name door hun bevoegdheid om door middel van sessies
van maximaal 5 gesprekken lichte problematiek die zich bij de huisarts meldt op
te lossen. Ook dragen zij bij aan het minder voorschrijven van medicatie. Hiermee
wordt concreet invulling gegeven aan een deel van de door minister Klink in de
brief van 30 september genoemde verschuiving van 2e naar 1e lijn. Kan het
ministerie bevestigen dat hiermee tussen de 15 en 22 miljoen euro bespaard
wordt?
Antwoord:
De functie POH GGZ is momenteel een module op het inschrijvingstarief van de
huisartsen. Om een snelle toestroom tot de tweedelijnszorg te beperken is het van
belang dat de patiënt snel bij de juiste hulpverlener(s) terecht kan, dicht bij huis
en dat er sprake is van een goede probleemherkenning en verheldering. De POH
GGZ kan hier een goede rol in spelen, evenals in het behandelen van lichte
problematiek. Er zijn op dit moment echter te weinig gegevens bekend om een
besparing tussen de ¤15 mln en ¤22 mln, die afkomstig zou zijn van versterking
van de POH'er GGZ vanuit de tweede lijn, te kunnen bevestigen.
Zoals ik in mijn brief van 30 september jl. heb vermeld, heeft de GGZ sector zich
bereid verklaard om ¤ 35 mln op te brengen in 2011 door het verleggen van
cliëntenstromen van de tweede naar de eerste lijn. Men heeft aangegeven
daarover afspraken te willen maken met zorgverzekeraars. De door de heer
Zijlstra genoemde besparing tussen de 15 en 22 miljoen in 2011 is hiermee te
realiseren. De POH GGZ kan bij deze besparing een rol spelen, maar andere
instrumenten die GGZ Nederland en verzekeraars hiervoor willen inzetten sluit ik
ook niet uit. Overigens is inmiddels duidelijk geworden dat in het concept)
Regeerakkoord reeds een besparing als gevolg van de versterking eerstelijns GGZ
is ingeboekt vanaf 2015.
Vraag 2:
Is het toepassen van een eenmalige korting van 35 miljoen euro op de
groeiruimte voor de ggz van 2011 een in te boeken alternatieve bezuiniging?
Antwoord:
Technisch gesproken is het mogelijk om de groeiruimte voor 2011 (¤ 118 miljoen)
met ¤ 35 miljoen te verlagen. De afgelopen jaren hebben echter geleerd dat de
groeiruimte voor de GGZ niet of nauwelijks toereikend was om de (autonome)
groei in de uitgaven voor geneeskundige GGZ op te vangen. Verlaging van de
groeiruimte zal vrijwel zeker leiden tot een overschrijding van het beschikbare
kader voor de geneeskundige GGZ. Om die reden raad ik deze dekking af.
Vraag 3:
Hiermee ontbreekt nog een bedrag van 8)15 miljoen (afhankelijk van punt 1). Kan
het ministerie bevestigen dat dit ontbrekende bedrag gehaald wordt doordat er
geen uitvoeringskosten meer gemaakt hoeven te worden omdat hiermee geen
eigen bijdrage voor de tweedelijns)GGZ ingevoerd hoeft te worden in 2011 (de
overige 45 miljoen wordt gedekt met de eenmalige verlaging van het
geneesmiddelenkader en de TNF)alfaremmers per 1 juli zoals voorgesteld in de
brief van 30 september)? Indien dit niet correct is, kan het ministerie aangeven
hoeveel de uitvoeringskosten dan wel bedragen?
Antwoord:
Bij de berekening van de opbrengst van een in te voeren EB in de GGZ is rekening
gehouden met de uitvoeringskosten van een dergelijke maatregel. De geraamde
opbrengst van ¤ 60 miljoen is daarmee een netto)bedrag, dus verlaagd met de
uitvoeringskosten. Indien besloten wordt geen EB in te voeren is het dan ook niet
zo dat een besparing als gevolg van het wegvallen van de uitvoeringskosten
geboekt kan worden. Om die reden is hier geen sprake van dekking.
Tot slot vraag ik uw aandacht voor de noodzaak verzekeraars te informeren over
de wijzigingen in het verzekerde pakket per 1 januari 2011. Bij de invoering van
de Zorgverzekeringswet is met verzekeraars de afspraak gemaakt dat de minister
van VWS hen rond 1 juli van het voorafgaande jaar informeert over mogelijke
wijzigingen in het Zvw)pakket. In het VAO van 30 september jl. heb ik
meegedeeld dat stemming over de moties tot vandaag, 5 oktober 2010, kon
worden aangehouden. Navraag vandaag bij zorgverzekeraars leert mij dat met het
oog op de uitvoering niet langer gewacht kan worden met het geven van
duidelijkheid over de vraag of een eigen bijdrage GGZ per 1 januari 2011 wordt
ingevoerd en wat de hoogte daarvan wordt. Ik wil er dan ook op aandringen dat
de stemmingen over de moties uiterlijk donderdag 7 oktober a.s. plaatsvinden.
Op basis van mijn antwoorden moet ik constateren dat de alternatieven die de
heer Zijlstra aandraagt onvoldoende dekking bieden om in 2011 geen EB in de
tweedelijns GGZ in te voeren. Het alternatief voor 2011 dat ik heb geschetst in
mijn brief van 30 september jl. om de nog noodzakelijke ¤ 60 mln op te brengen,
blijft overeind.
Tijdens het debat op 30 september is aan de orde geweest of een deel van de
dekking die ik in mijn brief van diezelfde dag aangaf niet zou overlappen met
maatregelen uit het op dat moment nog niet bekende concept)regeerakkoord.
Inmiddels is duidelijk dat een bedrag van ¤ 30 mln dat ik had ingeboekt als
structurele verlaging van het geneesmiddelenkader in het concept)regeerakkoord
vanaf 2012 wordt ingezet ter dekking van een intensivering in de care sector. Ik
concludeer dus nu dat het betreffende bedrag van ¤ 30 mln incidenteel voor 2011
als dekking beschikbaar is. Het is derhalve mogelijk om, indien de Kamer dat
wenst, af te zien van de invoering van een eigen bijdrage tweedelijns GGZ in
2011.
Het totaalplaatje van de mogelijke dekking in 2011 heb ik samengevat in
onderstaande tabel:
2011
GGZ sector verschuiving cliëntenstromen 35
TNF Alpharemmers overhevelen per 1 juli 2011 25
nav uitspraak CBB/ geneesmiddelenkader
(incidenteel) 30
Geneesmiddelenkader incidenteel 20
Totaal 110
De consequentie is dan wel dat met ingang van het jaar 2012 alsnog een bedrag
van ¤ 110 mln moet worden opgebracht uit door het nieuwe kabinet te treffen
maatregelen.
Ik vertrouw erop u met deze brief voldoende te hebben geïnformeerd.
Hoogachtend,
de Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
dr. A. Klink