Radio gesprek minister-president na de ministerraad (Radio 1, Met het Oog op
Morgen)
Radio / TV-interview | 13-03-2009
In het radio-gesprek na afloop van de wekelijkse ministerraad gaat
minister-president Balkenende in op het coaliteberaad inzake de
economische crisis.
VULLINGS:
Komt het allemaal nog wel goed?
BALKENENDE:
Daar heb ik het vaste vertrouwen in.
VULLINGS:
Maar het loopt niet zo lekker, toch?
BALKENENDE:
Deze week was natuurlijk een week waarin het ging om hele belangrijke
vragen, moeilijke vragen ook. We praten over een economie die wegzakt,
maar bovenal gaat het om mensen die hun baan kunnen verliezen of
denken: kan ik mijn hypotheek wel betalen? Of, een andere vraag: wat
gebeurt er met mijn kinderen? Wat gebeurt er eigenlijk met Nederland?
Zie bijvoorbeeld de staatsschuld. Dat zijn vragen die mensen
bezighouden. Dan is het nu een kwestie van wat zijn de antwoorden van
het kabinet.
VULLINGS:
Ja, want een vraag die de mensen ook bezighoudt is: wanneer komt het
kabinet met een antwoord?
BALKENENDE:
Ja, maar ik heb vandaag bij mijn persconferentie nog eens aangegeven:
pas nu even ook op met het beeld dat het kabinet nu een week intensief
aan het spreken is, dan komt het met maatregelen en dan hebben we de
oplossingen. We moeten oppassen dat we...
VULLINGS:
Dat heet verwachtingsmanagement hè?
BALKENENDE:
Wat ik wil zeggen is dit: wij kunnen bijdragen aan versterking van de
economie op de korte termijn, maar we kunnen niet de hele economie
gaan overnemen. Dat is mijn boodschap steeds geweest.
VULLINGS:
Het kabinet kan niet alle banen redden?
BALKENENDE:
Nee. Daarom hebben we elkaar ook nodig. Werkgevers, werknemers,
medeoverheden en rijksoverheid. En te midden van al die
verantwoordelijkheden heeft het kabinet natuurlijk een eigen
verantwoordelijkheid. Daar zijn we nu druk mee bezig. Dat zijn pittige
gesprekken. Dat heeft u ook gemerkt deze week.
VULLINGS:
Ik hoorde dat het maandagavond heel constructief was. Toen is e
vooruitgang geboekt. En dan ergens op dinsdag gaat het fout. Wat gaat
er dan fout?
BALKENENDE:
Laten we nou niet praten over de inhoud van het gesprek zelf. Dat
hoort ook helemaal niet. Daar schieten we niet zoveel mee op. Alleen
zien we natuurlijk wel bij dit soort processen dat de politieke
smaldelen - PvdA, CU, CDA- natuurlijk ook wel zo hun eigen accenten
leggen. Dat betekent dat iedereen voor zijn standpunt opkomt en dan
kan het er wel eens even fors aan toegaan. Dat hoort ook bij moeilijke
discussies die je voert. Kijk, want er zijn tal van zaken waarbij het
een kwestie is van iets meer of iets minder, of je maakt een
compromis. Maar het gaat hier om veel ingewikkelder keuzes. Dan is het
niet zo gek dat je toch even wat tijd er voor nodig hebt. Dan is het
ook niet zo gek dat er dan eens een keer een meningsverschil is.
VULLINGS:
Maar een meningsverschil is wat anders dan onderlinge irritatie en
ministers die bij het inlopen bij het torentje dingen zeggen waarop
anderen reageren. Daar wordt het allemaal zo lelijk van. Het is een
beetje kinderachtig.
BALKENENDE:
Nou ja, u bent journalist. Het valt mij wel op, u staat er altijd
allemaal met elkaar.
VULLINGS:
Dat is mijn werk inderdaad. Maar die ministers hoeven niet de
antwoorden te geven die ze geven natuurlijk.
BALKENENDE:
Maar goed, we weten een beetje hoe dat gaat. Dat is natuurlijk ook de
reden geweest waarom wij de laatste kabinetsformatie hebben gezegd-
dat is ook mijn voorstel- van: laten we nu gewoon eens een aantal
dagen bij elkaar gaan zitten en dan kunnen we een kabinetsformatie
doen. Want dan heb je ook een aantal weken om dat soort dingen aan te
pakken. Ik herinner me ook nog toen ik in 2003- dat was een tijd
waarin we nog steeds naar binnen en buiten liepen in de Eerste Kamer,
en eigenlijk is dat iet een goede methode. Het kan nu even iet anders,
want ons werk gaat door als bewindslieden. De ministers en
staatssecretarissen zijn elke dag met hun eigen onderwerpen bezig.
Daarnaast hebben we natuurlijk deze belangrijke gesprekken te voeren.
Ach, dat er een keer wat wordt gezegd tegen een journalist, dat hoort
erbij. Dat leidde ook begin deze week ook soms tot irritatie. Nou, in
het geval van minister Donner, die heeft toen ook in de media...
VULLINGS:
Met een hele grote glimlach heeft hij 'het spijt me' gezegd. Met
gekruiste vingers achter zijn rug, of niet?
BALKENENDE:
De volgende dag heeft hij het ook nog eens aan tafel herhaalt. Daarmee
is zo'n discussie afgelopen. Dat gebeurt aan alle kanten wel eens.
VULLINGS:
Maar voor u als insider zijn dit soort dingen normaal. U bent dat
soort processen gewend. Ik begin inmiddels ook door te krijgen dat het
er bij hoort. Maar voor de buitenstaander, de mensen in het land, die
denken: wat zijn die politici daar aan het doen?
BALKENENDE:
Ja, maar ik geloof dat Nederlanders tegelijkertijd ook zien dat het
niet zomaar gaat om een politiek spel of het even naar binnen of
buiten lopen. Nederlanders weten heel goed dat het hier gaat om hele
fundamentele keuzes die gemaakt moeten worden. Nederlanders weten heel
goed dat je de economie wel kunt ondersteunen, maar dat je niet een
hele economie kunt gaan stimuleren met miljardenoperaties. Dat kan
natuurlijk niet. Nederlanders begrijpen heel goed dat datgene wat we
nu aan oplopende staatsschuld hebben, dat het vroeg of laat betaald
moet worden. Waar we nu voor staan is om een goede mix te krijgen van
maatregelen die je op korte termijn kunt nemen, maar dat je evenzeer
ook oog hebt voor de lange termijn. Dat zijn ingewikkelde
vraagstukken. Ik denk dat Nederlanders ook heel goed weten dat je dit
soort keuzes niet zo maar eventjes maakt.
VULLINGS:
Ik denk dat mensen ook wel begrijpen dat het niet in twee dagen praten
is opgeslokt, maar ze willen die show eromheen misschien niet zien?
BALKENENDE:
Maar goed, dat is een beetje inherent wanneer je camera's ziet. Ach,
dat hoort er ook bij. Daar moet je niet heel zenuwachtig van worden.
VULLINGS:
Hoe is het om onafhankelijk voorzitter te zijn?
BALKENENDE:
Dat is natuurlijk een rol die ik in principe elke vrijdag heb; of elke
dinsdag bij de onderraden. Vrijdag hebben we in de Trêvezaal de
ministerraad. De minister-president staat boven de partijen.
Natuurlijk heb ik mijn eigen opvattingen, alleen je probeert steeds
met elkaar te komen tot de oplossingen waarin iedereen zich kan
vinden. Dat is ook nu mijn rol. Maar het is denk ik wel heel goed dat
we ook die scheiding hebben gemaakt tussen steeds een bewindspersoon
en de fractievoorzitters. Er zijn drie teams, om het zo maar even te
noemen, en dan ben ik de onafhankelijk voorzitter. Ik denk dat het
goed is om op deze manier te doen.
VULLINGS:
U krijgt in die rol als onafhankelijk voorzitter ook te maken met het
fenomeen Piet Hein Donner. Is hij echt zo lastig?
BALKENENDE:
De heer Donner is iemand die weet waarover hij spreekt. Hij heeft
glasheldere opvattingen. Donner is ook iemand die voor zijn eigen
mening duidelijk uitkomt.
VULLINGS:
Hij schijnt toch zo eigenwijs te zijn? Dan zijn de argumenten
gewisseld en dan begint hij er weer opnieuw over.
BALKENENDE:
Het is natuurlijk zo dat wanneer er sprake is van een
onderhandelingsproces, dan maakt elke partij zijn punt. Soms krijg je
direct gelijk en soms kost het wat meer tijd. Ach, dat geldt eigenlijk
voor iedereen. Dat is niet zo bijzonder.
VULLINGS:
Hij is niet de lastigste, of wilt u iemand anders nomineren?
BALKENENDE:
Het gaat niet om wie er het lastigste is, want...
VULLINGS:
Voor een onafhankelijk voorzitter kan het natuurlijk nest wel lastig
zijn als iemand heel erg aan zijn eigen standpunt vasthoudt.
BALKENENDE:
Lastig, dat wordt door tal van factoren bepaald. Lastig kan te maken
hebben met karaktereigenschappen, met de vorm, maar kan evenzeer te
maken hebben met de inhoud, de inhoudelijk keuze die mensen maken.
VULLINGS:
Is de kern van het probleem eigenlijk niet dat het CDA twijfelt aan de
financiële degelijkheid van de PvdA?
BALKENENDE:
Zo zou ik het niet willen zeggen.
VULLINGS:
U mag ook andere woorden kiezen.
BALKENENDE:
Ik vind dat ik helemaal niet moet gaan spreken over beelden die over
en weer bestaan. Het is natuurlijk altijd zo geweest dat partijen -
ook in het verleden, afgelopen decennia- verschillende visies hebben
gehad over een fenomeen als lastenverlichting. Het is bekend dat een
PvdA de afgelopen decennia meer had met uitgavenverhoging dan met
lastenverlichting.
VULLINGS:
Dat heet toch financiële degelijkheid?
BALKENENDE:
Ja, nou ook daar wordt verschillend over gedacht, hoe je die
definities precies invult. Maar laten we oppassen voor stereotypen. We
hebben te maken met partijen die hun eigen karakter hebben, die hun
eigen opvattingen hebben en ook nu voor de taak staan er samen uit te
komen. Dat is ook mijn taak, om alles te doen om te zorgen dat het
mogelijk wordt.
VULLINGS:
Wanneer staat u volgende week me de bende van zes op een trap te
glunderen met een heel mooi akkoord?
BALKENENDE:
Die vraag wed ook gesteld aan minister Bos toen hij vandaag het
ministerie verliet. Toen zei hij: ik weet het niet. Ik geloof dat ik
me daar bij aan moet sluiten.
VULLINGS:
Is het wel volgende week?
BALKENENDE:
De inzet van iedereen is om eruit te komen, maar tegelijkertijd hebben
we ook vorige week gezien dat er wordt gespeculeerd over wanneer de
besprekingen zijn afgerond. Ik geloof niet dat het echt zinvol is om
daarover te gaan speculeren. In dit proces geldt toch steeds dat het
gaat om het maken van verantwoorde keuzes. Daarbij staat
zorgvuldigheid op de eerste plaats.
(letterlijke tekst, ongecorrigeerd, TO)
Ministerie van Algemene Zaken