European Union



Brussel, 22 januari 2009

Aanzienlijke vooruitgang bij innovatie in Europa

Het European Innovation Scoreboard (EIS) voor 2008, dat vandaag gepubliceerd is, laat zien dat de EU in de periode voorafgaande aan de financiële crisis aanzienlijke vorderingen heeft gemaakt wat innovatie betreft. De relatieve innovatiekloof tussen de EU en de VS en Japan is geslonken, met name dankzij de vooruitgang in veel nieuwe lidstaten, zoals Cyprus, Roemenië en Bulgarije. In de EU als geheel is met name vooruitgang geboekt ten aanzien van het gebruik van de menselijke hulpbronnen en de beschikbaarheid van financiering voor innovatie. Innovatiegerichte investeringen door het bedrijfsleven zijn echter nog relatief gering van omvang, vooral vergeleken met de VS en Japan. Parallel aan het Scoreboard-verslag geeft het "Science, Technology and Competitiveness report 2008" een meer diepgaande analyse van de trends in onderzoek en ontwikkeling in de publieke sector en in het bedrijfsleven, van de technologische prestaties en van de vooruitgang bij de verwezenlijking van de Europese onderzoeksruimte (ERA)

"Een economische crisis is niet het juiste moment om even op te houden met investeren in onderzoek en met innovatie. Die zijn van vitaal belang als Europa sterker uit de crisis wil komen en de uitdagingen van klimaatverandering en globalisering wil aanpakken. De EU heeft vele troeven in handen, met name een steeds aantrekkelijkere Europese onderzoeksruimte en steeds betere prestaties inzake innovatie. Maar er is nog steeds veel te doen, met name wat de relatieve onderinvestering door het bedrijfsleven betreft. De initiatieven van de Commissie ter verbetering van de efficiëntie van het onderzoek in de EU, ter stimulering van innovatie en ter ontwikkeling van "high tech"-markten helpen de EU op het juiste spoor te zetten", zo benadrukten de vicevoorzitter van de Commissie Günter Verheugen, verantwoordelijk voor ondernemingen en industriebeleid, en Janez Potocnik, commissaris voor wetenschap en onderzoek.

Uit het verslag blijkt dat de Europese landen op basis van hun prestatieniveaus ingedeeld kunnen worden in vier groepen, en dat vrijwel alle landen hun prestaties hebben verbeterd, hoewel de mate van verbetering varieert:

* Zwitserland, Zweden, Finland, Duitsland, Denemarken en het VK zijn "innovation leaders", met innovatieprestaties die duidelijk boven het EU-gemiddelde liggen. Daarvan zijn Zwitserland en Duitsland de landen die hun prestaties het snelst verbeteren.
* Oostenrijk, Ierland, Luxemburg, België, Frankrijk en Nederland zijn "innovation followers", met prestaties die boven het EU-gemiddelde liggen. Binnen deze groep heeft Ierland zijn prestaties het snelst verbeterd, gevolgd door Oostenrijk.
* Cyprus, IJsland, Estland, Slovenië, Tsjechië, Noorwegen, Spanje, Portugal, Griekenland en Italië zijn de "moderate innovators", met innovatieprestaties die onder het EU-gemiddelde liggen. In deze groep doet Cyprus het duidelijk beter dan het gemiddelde, gevolgd door Portugal.

* Malta, Hongarije, Slowakije, Polen, Litouwen, Kroatië, Roemenië, Letland, Bulgarije en Turkije zijn de "catching-up countries" met innovatieprestaties die duidelijk onder het EU-gemiddelde liggen. De meeste van deze landen lopen hun achterstand geleidelijk in, waarbij Bulgarije en Roemenië het snelst vorderen.

Zie voor samenvattingen van de afzonderlijke innovatieprestaties van alle 27 lidstaten MEMO09/18.

INNOVATIEPRESTATIES (2008 SUMMARY INNOVATION INDEX)

NB: de Summary Innovation Index (SII) is een combinatie van 29 indicatoren; de laagst mogelijke prestatie is 0 en de hoogste 1. De SII voor 2008 geeft de prestaties in 2006/2007 weer aangezien de gegevens pas later beschikbaar worden.

Het sluiten van de innovatiekloof tussen de EU en de VS en Japan

Uit analyse van de gegevens op EU-niveau blijkt dat er aanzienlijke verbeteringen zijn opgetreden, zowel in absolute termen (vergeleken met vijf jaar geleden) als in verhouding tot de VS en Japan. Uit vergelijking met een breder spectrum van landen blijkt ook dat de EU het relatief goed doet in vergelijking met de opkomende economieën. Met name ten aanzien van menselijke hulpbronnen voor innovatie (afgestudeerden, tertiair onderwijs), toegang tot breedband en de beschikbaarheid van risicokapitaal. De investeringen door het bedrijfsleven vormen echter nog een zwak punt; de EU blijft achter bij de VS en Japan wat uitgaven voor O&O en IT betreft. En ondanks de bevindingen in de verslagen betreffende het belang van niet-technologische innovatie zijn de uitgaven door bedrijven in de EU voor dergelijke innovatieve activiteiten (bv. opleidingen, design, marketing, nieuwe uitrusting) gedaald.

Innovatie als recept voor economisch herstel

De analyse van het EIS is gebaseerd op gegevens van vóór de financiële crisis. Deze analyse wijst echter op bestaande trends en sterke en zwakke punten waarmee rekening moet worden gehouden bij het reageren op de huidige omstandigheden. De vooruitgang die de EU vóór de financiële crisis heeft geboekt biedt de Europese ondernemers een betere uitgangspositie om door innovatie de crisis te boven te komen. De aanhoudende onderinvestering in innovatie door het bedrijfsleven, in vergelijking met onze voornaamste concurrenten, is duidelijk een zwakheid die gecorrigeerd dient te worden, ook door hernieuwde overheidssteun voor innovatieve ondernemingen, bijvoorbeeld in het kader van het Lead Markets Initiative (zie IP/08/12) dat de vraag naar nieuwe producten en diensten stimuleert.

Verdere lessen kunnen worden ontleend aan het Innovation Progress Report dat tegelijk met het EIS werd gepubliceerd en een onafhankelijke deskundige analyse bevat van ontwikkelingen in nationaal innovatiebeleid en governance, op basis van door onafhankelijke deskundigen opgestelde landenverslagen die beschikbaar zijn op de website van het "PRO INNO"-initiatief. Deze analyse toont een trend in de richting van steun voor innovatieve start-ups en strategieën die ingaan op nieuwe uitdagingen zoals klimaatverandering en de productiviteit van hulpbronnen.

De Europese Commissie zal van de bevindingen van de verslagen gebruik maken bij de beoordeling van het succes van het huidige innovatiebeleid en de vaststelling van toekomstige prioriteiten.

Achtergrondinformatie:

Het EIS is in opdracht van het directoraat-generaal Ondernemingen en industrie van de Europese Commissie opgesteld door het United Nations University - Maastricht Economic and social Research and training centre on Innovation and Technology (UNU-MERIT), en het Innovation Progress Report, in opdracht van hetzelfde DG, door een consortium van deskundigen onder leiding van de Universiteit van Athene en de Technopolis Group.