abcdefgh
De voorzitter van de BBZ
de heer Poelmann
Kuipersdijk 13
1601 CL ENKHUIZEN
Contactpersoon Doorkiesnummer
K. Metselaar 070 - 3511519
Datum Bijlage(n)
9 juni 2008 -
Ons kenmerk Uw kenmerk
DGTL-2008/2166 -
Onderwerp
certificering zeegaande traditionele zeilschepen
Geachte heer Poelmann,
In het verlengde van de gemaakte ambtelijke afspraken wil ik u met deze brief graag zelf
op de hoogte stellen van de ontstane situatie omtrent de certificering van Nederlandse
zeegaande traditionele zeilschepen en van de acties die naar aanleiding daarvan worden
ondernomen. Tevens geef ik u mijn visie op de certificering in de (nabije) toekomst en
reageer daarbij op uw brief d.d. 17 mei 2008.
Terugblik
In juli vorig jaar heb ik een brief aan mijn Deense en Duitse ambtscollega's over de
certificering van Nederlandse zeegaande traditionele zeilschepen geschreven. Dit was naar
aanleiding van het feit dat de Deense en Duitse autoriteiten te kennen hadden gegeven
dat deze schepen met het nationale certificaat niet langer welkom waren in hun havens.
Zij vereisten een certificering in overeenstemming met de van toepassing zijnde
internationale normen.
Naar aanleiding daarvan is in september vorig jaar een overleg op ambtelijk niveau gestart,
waarin is afgesproken dat deze traditionele zeilschepen voor het vaarseizoen 2008 zouden
worden gecertificeerd als passagiersschepen onder de SOLAS Conventie, met daaraan
gekoppeld een aantal vrijstellingen, omdat de schepen niet aan alle SOLAS eisen kunnen
voldoen. Over deze vrijstellingen zou in een later stadium verder worden gesproken,
waarbij het de verwachting was dat de schepen op een aantal punten op termijn zouden
moeten worden aangepast om een acceptabel veiligheidsniveau te kunnen blijven
behouden. U bent bij de voorbereiding van deze gesprekken betrokken geweest.
Postbus 20901, 2500 EX Den Haag Telefoon 070 - 351 6171
Bezoekadres Plesmanweg 1-6, 2597 JG Den Haag Fax 070 - 351 7895
bereikbaar met tram 9 (station hs en cs) en bus 22 (station cs)
DGTL-2008/2166
De inspectie en certificering van de schepen zou worden uitgevoerd door de Inspectie
Verkeer en Waterstaat (IVW) in samenwerking met het particuliere klassenbureau Register
Holland. Dit omdat het uitvoeren van inspecties en bijbehorende certificering onder
internationale Conventies is voorbehouden aan erkende organisaties, hetgeen Register
Holland niet is. Deze lijn is door mij aan de Tweede Kamer gecommuniceerd in het
antwoord op Kamervragen over deze kwestie.
Dit jaar is de inspectie en certificering van start gegaan waarbij in het begin de toepassing
van de diverse vereisten tijdens veelvuldig overleg tussen de BBZ, de IVW en DGTL,
centraal stond. Vervolgens bleek dat aan een aantal vereisten op gebied van
veiligheidsmanagement en security niet kon worden voldaan, zeker niet op korte termijn.
Bovendien waren vrijstellingen slechts in zeer beperkte mate mogelijk, omdat de vereisten
voor veiligheidsmanagement en security zijn neergelegd in Europese Verordeningen
(respectievelijk Verordening (EG) Nr. 336/2006 en Verordening (EG) Nr. 725/2004).
Vanwege geschetste problemen is samen met de BBZ onderzocht of toch een andere wijze
van certificering mogelijk was, namelijk certificering onder de Special Purpose Ships (SPS)
Code. Deze Code vormt een alternatief voor SOLAS en kan worden toegepast op schepen
waar speciaal personeel aan boord is, zoals bij visverwerkingsschepen en
onderzoeksschepen. Zolang dit internationaal mogelijk is hanteert de Nederlandse
overheid ten aanzien van certificering van traditionele zeilschepen onder de SPS Code het
standpunt dat de opvarenden van traditionele zeilschepen kunnen worden beschouwd als
speciaal personeel indien er een zeiltrainingsprogramma aanwezig is en daaraan wordt
deelgenomen. Op de ontwikkelingen in de IMO in dit verband kom ik later terug
Door de IVW zijn de eigenaren vervolgens gewezen op de diverse mogelijkheden die er
zijn t.a.v. de certificering, namelijk:
1. onder het MOU1 (schepen voldoen aan de `blauwe' of de `witte' regels);
2. onder richtlijn 98/18/EG (binnenlandse reizen);
3. als Special Purpose Ship;
4. als passagiersschip onder SOLAS; en
5. door middel van het Certificaat van Deugdelijkheid.
Inmiddels blijkt dat de meeste schepen kiezen voor certificering als Special Purpose Ship,
eventueel in combinatie met certificering onder richtlijn 98/18/EG (zie huidige stand van
zaken).
Huidige stand van zaken
De Deense en de Duitse autoriteiten zijn continu op de hoogte gehouden, onder meer
door middel van informele contacten en per email, van de vorderingen en problemen die
tijdens de inspectie en certificering optraden. Daarbij is duidelijk aangegeven dat
certificering als passagiersschip onder SOLAS op de korte termijn onmogelijk bleek en dat
daarom voor het komende vaarseizoen het enige beschikbare alternatief zou worden
1 Memorandum of Understanding on the Mutual recognition of certificates for the safe operation of
traditional ships in European waters and of certificates of competency for crews on traditional ships,
signed in London on 28 November 2005
---
DGTL-2008/2166
gekozen, namelijk certificering onder de SPS Code. Tijdens het vervolgoverleg op ambtelijk
niveau dat heeft plaatsgevonden 23 april j.l. hebben zowel Denemarken als Duitsland
aangegeven SPS certificering voor deze schepen niet te kunnen accepteren. Door
Denemarken was dat reeds enkele weken eerder aangegeven, waarbij ook werd gesteld
dat indien een traditioneel zeilschip met een SPS certificaat een Deense haven aandoet,
sterk zal worden overwogen dat schip aan te houden. Tijdens dat overleg werd door
Denemarken en door Duitsland tevens gesteld dat de schepen aan zowel ISM als ISPS
moeten voldoen, hetgeen uiterlijk volgend jaar gerealiseerd moet zijn, terwijl vanaf dat
moment ook vrijstellingen onder richtlijn 98/18/EG niet meer zullen worden getolereerd.
Naast de discussie met Denemarken en Duitsland heeft er tevens een discussie
plaatsgevonden in de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) over de herziening van
de SPS Code. De insteek van een aantal landen was onder meer om de definitie van
`speciaal personeel' aan te scherpen, zodanig dat de SPS Code voor de (traditionele)
zeilschepen niet langer toepasbaar zou kunnen zijn. Nederland had daarom een voorstel
ingediend om de SPS Code juist wel van toepassing te kunnen laten zijn op deze schepen.
Ondanks de intensieve lobby van Nederland voor dit voorstel is dit tijdens de zeer recente
vergadering van het `Maritime Safety Committee' (7 16 mei 2008) van de IMO helaas
niet aangenomen. Vanaf het moment van inwerkingtreding van de herziene SPS Code dit
jaar, kunnen deze schepen derhalve niet meer onder deze Code worden gecertificeerd. Tot
die tijd zal de huidige wijze van certificeren worden voortgezet.
Toekomstige certificering
Voor de toekomst zie ik voor de schepen die op Denemarken en Duitsland varen, gezien
de mening van deze landen en het recente besluit van de IMO, nog drie mogelijkheden
voor certificering:
1 Certificering onder het MOU: Dit is bedoeld voor traditionele schepen die
uitsluitend op niet-commerciële basis varen. De mate van traditionaliteit speelt
hierbij tevens een rol. Het zal hier gaan om een zeer beperkt aantal schepen,
omdat de meeste schepen wel op commerciële basis varen;
2 Certificering onder 98/18/EG: Dit is bedoeld voor schepen die met meer dan 12
passagiers binnenlandse reizen maken en groter dan 24 meter zijn; en
3 Certificering als SOLAS passagiersschip met vrijstellingen (behalve op gebied van
veiligheidsmanagement en security), zoals vorig jaar reeds met Denemarken en
Duitsland overeengekomen. Dit is bedoeld voor schepen die met meer dan 12
passagiers internationale reizen maken.
Voor schepen met een lengte groter dan 24 m geldt dat wanneer deze geheel voldoen
aan de eisen van richtlijn EU/98/18, ook in Denemarken en Duitsland binnenlandse reizen
gemaakt kunnen worden. Deze schepen vallen tot 1 juli 2010 onder de
overgangsbepalingen van deze richtlijn. Daarna zullen de schepen naar verwachting
aangepast moeten worden om aan de richtlijn te kunnen blijven voldoen. Deze richtlijn is
niet van toepassing op schepen met een lengte kleiner dan 24 meter. Derhalve zal de
toepasbaarheid van de richtlijn op deze kleinere schepen met de Deense en Duitse
autoriteiten overlegd moeten worden. De Nederlandse overheid geeft voor deze kleinere
schepen op verzoek een EU/98/18 certificaat af.
---
DGTL-2008/2166
Met betrekking tot de derde optie zal met Denemarken en Duitsland verder worden
gesproken over noodzakelijke aanpassingen aan de schepen op basis van de afgegeven
vrijstellingen, inclusief een bijbehorend tijdpad waarop de schepen aangepast moeten zijn.
Het veiligheidsniveau dat bereikt moet worden zal dat van richtlijn EU 98/18 zijn, maar
niet noodzakelijkerwijs het niveau dat is gekoppeld aan onbeperkt vaargebied.
De optie om te certificeren onder de Large Yacht Code, die Nederland zal aanmelden als
equivalente regeling onder het SOLAS verdrag en het Uitwateringsverdrag, heb ik in
bovenstaande opsomming buiten beschouwing gelaten, omdat deze slechts van
toepassing is op schepen die niet meer dan 12 passagiers vervoeren. Ook de optie om te
certificeren als SOLAS passagiersschip (zonder vrijstellingen) heb ik hier buiten
beschouwing gelaten, omdat dit voor slechts een zeer gering aantal (waarschijnlijk alleen
voor nieuwbouw) schepen haalbaar zal zijn.
Naast het bovenstaande wil ik ook de weg naar een gezamenlijke aanpak op Europees
niveau openhouden. Voor alle duidelijkheid moet ik daarbij aantekenen dat ook dat
traject, gezien de huidige ontwikkelingen, niet eenvoudig zal zijn.
Door V&W te ondernemen acties
- Indien u daarmee kunt instemmen wil ik samen met u de certificering als SOLAS
passagiersschip met vrijstellingen/ equivalenten ter hand nemen, inclusief de ISM
en ISPS certificering equivalenten. Dit is naar mijn mening de enige reële optie
voor traditionele zeilschepen die er is om ook in de toekomst in Deense en Duitse
wateren te kunnen varen. Daarnaast kan uiteraard certificering onder genoemde
richtlijn 98/18/EG plaatsvinden, maar zoals bekend is dat certificaat uitsluitend
bedoeld voor binnenlandse reizen. Er zal voor de afgifte van een certificaat
volledig aan genoemde richtlijn moeten worden voldaan, waarbij uiteraard de
overgangsbepalingen uit die richtlijn van toepassing zijn.
- In september van dit jaar zal Nederland verder met Denemarken en Duitsland
overleggen over de voor de certificering benodigde aanpassingen aan de schepen.
Deze discussie zal gevoerd worden op basis van de vrijstellingen als ware deze
afgegeven in het geval de schepen zouden zijn gecertificeerd als SOLAS
passagiersschip. In de tussentijd wordt hard gewerkt aan een voorstel dat met
Denemarken en Duitsland besproken kan worden, uiteraard in overleg met u.
Met het bovenstaande ben ik van mening het maximale te doen om de traditionele
zeegaande zeilschepen ook op Denemarken en Duitsland te laten varen. Uit de verdere
besprekingen met Denemarken en Duitsland zal blijken in hoeverre de schepen aangepast
zullen moeten worden. Voor de schepen die nu nog onder de zogenaamde `blauwe
regels' varen verwacht ik dat deze aanpassingen zeer aanzienlijk kunnen zijn.
Ik reken op een goede samenwerking met de BBZ ter ondersteuning van het verdere
overleg met Denemarken en Duitsland en tevens dat aan de sector nadrukkelijk wordt
aangegeven dat, om op Denemarken en Duitsland te kunnen blijven varen, voor het eind
---
DGTL-2008/2166
van dit jaar aan de eisen voor veiligheidsmanagement en security wordt voldaan, waarbij
ik een actieve inzet van de sector verwacht.
Tot slot meld ik u dat ik gezien de kamervragen die over deze problematiek in een eerder
stadium zijn gesteld, een afschrift van deze brief stuur aan de Vaste Commissie voor
Verkeer en Waterstaat.
Ik zie uw reactie op het bovenstaande gaarne tegemoet.
Hoogachtend,
DE STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT,
J.C. Huizinga-Heringa
---
Ministerie van Verkeer en Waterstaat