|RAAD VAN | |NL | |DE EUROPESE UNIE | | | |14806/07 (Presse 256) | |(OR. fr) | |PERSMEDEDELING | |Betreft: | |PERSMEDEDELING | |2829e zitting van de Raad | |Onderwijs, Jeugdzaken en Cultuur | |Brussel, 15-16 november 2007 | |Voorzitter mevrouw Maria de Lurdes RODRIGUES | |minister van Onderwijs, | |de heer José MARIANO GAGO | |minister van Wetenschappen, Technologie en Hoger Onderwijs, | |mevrouw Isabel PIRES DE LIMA, | |minister van Cultuur en | |de heer Pedro SIVA PEREIRA, | |minister van Algemene Zaken | |van Portugal | | |
|Voornaamste resultaten van de Raadszitting | |De Raad heeft een richtlijn aangenomen tot wijziging van de Richtlijnen | |89/665/EEG en 92/13/EEG met betrekking tot de verhoging van de | |doeltreffendheid van de beroepsprocedures inzake het plaatsen van | |overheidsopdrachten. | |De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een ontwerp-aanbeveling tot| |vaststelling van een Europees kwalificatiekader voor een leven lang leren. | |De Raad heeft een algemene oriëntatie bereikt over een ontwerp-besluit om | |de looptijd van het huidige Erasmus Mundus-programma te verlengen tot het | |einde van het huidige financiële kader (2013). |
INHOUD1 DEELNEMERS 5 BESPROKEN PUNTEN ONDERWIJS 7 Kwalificatie voor een leven lang leren 7 Verbeteren van de kwaliteit van de lerarenopleiding - Conclusies van de Raad 8 Onderwijs en opleiding als belangrijke motor voor de strategie van Lissabon - Resolutie van de Raad 9 Nieuwe vaardigheden voor nieuwe banen - Resolutie van de Raad 10 Naar een meertaliger Europa 11 Erasmus Mundus 12 Modernisering van de universiteiten 13 Mobiliteit van studenten: verbreding van de sociale dimensie van Erasmus 14 CULTUUR 15 Eerste zitting van de Permanente Partnerschapsraad EU-Rusland 15 Europese agenda voor cultuur - Resolutie van de Raad 16 Culturele Hoofdstad van Europa voor 2011 17 JEUGDZAKEN 18 Vrijwilligersactiviteiten van jongeren - Resolutie van de Raad* 18 Transversale aanpak in het jeugdbeleid - Conclusies van de Raad 19 Europees pact voor de jeugd 20 DIVERSEN 21 ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN INTERNE MARKT Chemische stoffen - REACH-verordening - uitbreiding 23 Beroepsprocedures inzake het plaatsen van overheidsopdrachten* 23 VISSERIJ Overeenkomst met Madagaskar 23 DEELNEMERS De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd: België: de heer Frank VANDENBROUCKE vice-minister-president van de Vlaamse regering en Vlaams minister van Werk, Onderwijs en Vorming Bulgarije: de heer Lambov DANAÏLOV minister van Cultuur Tsjechië: de heer Václav JEHLI?KA minister van Cultuur de heer Jan KOCOUREK viceminister van Verkeer, sectie spoor- en watervervoer Denemarken: de heer Jens KISLING plaatsvervangend permanent vertegenwoordiger Duitsland: de heer Thomas RACHEL parlementair staatssecretaris van Onderwijs en Onderzoek de heer Thomas GOPPEL minister van Wetenschappen, Onderzoek en Kunst van de Vrijstaat Beieren Estland de heer Tõnis LUKAS minister van Onderwijs en Wetenschappen mevrouw Laine JÄNES minister van Cultuur Ierland mevrouw May HANAFIN minister van Onderwijs en Wetenschappen de heer Seán HAUGHEY onderminister, ministerie van Onderwijs en Wetenschappen en ministerie van Ondernemingen, Handel en Werkgelegenheid (belast met een Leven Lang Leren, Jeugdwerk en Schoolvervoer) Griekenland: de heer Evripidis STYLIANIDIS minister van Onderwijs en Eredienst de heer Mihail-Georgios LIAPIS minister van Cultuur Spanje de heer César Antonio MOLINA SÁNCHEZ minister van Cultuur mevrouw Mercedes CABRERA CALVO- SOTELO minister van Onderwijs en Wetenschappen mevrouw Aurora DOMÍNGUEZ GONZÁLEZ staatssecretaris van Arbeid en Sociale Zaken mevrouw María José SALGUEIRO CORTIÑAS minister van Cultuur en Toerisme van de Autonome Gemeenschap van Castilië- León De heer José MATEOS OTERO minister van Onderwijs van de Autonome Gemeenschap van Castilië- León mevrouw Miren AZKARATE minister van Cultuur van de Autonome Gemeenschap van Baskenland Frankrijk: Mevrouw Christine ALBANEL minister van Cultuur en Communicatie Italië: de heer Nando DALLA CHIESA staatssecretaris van Universiteiten en Onderzoek Cyprus de heer Akis CLEANTHOUS minister van Onderwijs en Cultuur Letland mevrouw RIV?A minister van Onderwijs en Wetenschappen de heer Ainars BA?TIKS minister van Jeugd- en Gezinszaken Litouwen mevrouw Roma ?AKAITIEN? minister van Onderwijs en Wetenschappen de heer Jonas JU?AS minister van Cultuur mevrouw Violeta MURAUSKAITE staatssecretaris van Arbeid en Sociale Zaken Luxemburg: mevrouw Mady DELVAUX-STEHRES minister van Onderwijs en Beroepsopleiding mevrouw Marie-Josée JACOBS minister van Gezinszaken en Integratie, minister van Gelijke Kansen Hongarije: mevrouw Agnes VARGHA plaatsvervangend permanent vertegenwoordiger Malta: de heer Francis ZAMMIT DIMECH minister van Toerisme en Cultuur Nederland de heer Peter W. KOK plaatsvervangend permanent vertegenwoordiger Oostenrijk: mevrouw Claudia SCHMIED Minister van Onderwijs, Kunst en Cultuur de heer Johannes HAHN minister van Wetenschap en Onderzoek Polen: de heer Andrzej WASKO staatssecretaris van Wetenschappen en Hoger Onderwijs de heer Tomasz MERTA onderstaatssecretaris, ministerie van Cultuur en Nationaal Erfgoed Portugal: de heer Pedro SILVA PEREIRA minister van Algemene Zaken mevrouw Maria de Lurdes RODRIGUES minister van Onderwijs mevrouw Isabel PIRES DE LIMA minister van Cultuur de heer José MARIANO GAGO minister van Wetenschappen, Technologie en Hoger Onderwijs Roemenië de heer Anton ANTON staatssecretaris van Onderwijs, Onderzoek en Jeugd de heer Andras DEMETER staatssecretaris van Cultuur en Eredienst Slovenië de heer Milan ZVER minister van Onderwijs en Sport de heer Vasko SIMONITI minister van Cultuur mevrouw Mojca KUCLER DOLINAR minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappen en Technologie Slowakije de heer Ján MIKOLAJ viceminister-president en minister van Onderwijs de heer Ivan SE?ÍK staatssecretaris, ministerie van Cultuur Finland mevrouw Sari SARKOMAA minister van Onderwijs de heer Stefan WALLIN minister van Cultuur en Sport Zweden de heer Lars LEIJONBORG minister van Onderwijs Mevrouw Lena ADELSOHN LILJEROTH minister van Cultuur de heer Christer HALLERBY staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Integratie en Gelijke Kansen Verenigd Koninkrijk: Lord TRIESMAN staatssecretaris van Intellectuele Eigendom en Kwaliteit Commissie de heer Ján FIGE? lid de heer Leonard ORBAN lid BESPROKEN PUNTEN ONDERWIJS Kwalificatie voor een leven lang leren De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een ontwerp-aanbeveling tot vaststelling van een Europees kwalificatiekader voor een leven lang leren (doc. 14115/07). Het ontwerp heeft ten doel een gemeenschappelijke terminologie voor de beschrijving van kwalificaties in te voeren, om aldus de transparantie te vergroten en de vergelijkbaarheid te verbeteren van de verschillende, in het kader van de uiteenlopende onderwijs- en opleidingsstelsels van de EU verkregen kwalificaties. In afwachting van het advies van het Europees Parlement, bereikte de Raad in november 2006 al een algemene oriëntatie{1] over het Commissievoorstel. Overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag en de gemeenschappelijke verklaring over de wijze van uitvoering van de medebeslissingsprocedure{2], vond vervolgens een reeks informele vergaderingen van de Raad, het Europees Parlement en de Commissie plaats, teneinde in eerste lezing een akkoord te bereiken over dit dossier. Het Europees Parlement heeft in zijn plenaire vergadering van oktober 2007 een pakket compromisamendementen goedgekeurd, waarover de drie instellingen overeenstemming hebben bereikt.{3] De Raad heeft heden zijn instemming met de door het Parlement in eerste lezing aangenomen amendementen bevestigd. Nadat de tekst in de officiële talen is bijgewerkt, zal hij formeel worden aangenomen. Voorgestelde rechtsgrondslag: artikel 149, lid 4, en artikel 150, lid 4, van het Verdrag - gekwalificeerde meerderheid voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement. Verbeteren van de kwaliteit van de lerarenopleiding - Conclusies van de Raad De Raad en de vertegenwoordigers van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, hebben de conclusies in document 14413/07 aangenomen. Onderwijs en opleiding als belangrijke motor voor de strategie van Lissabon - Resolutie van de Raad De Raad heeft de resolutie in document 13933/07 aangenomen. Nieuwe vaardigheden voor nieuwe banen - Resolutie van de Raad De Raad heeft de resolutie in document 14415/07 aangenomen. Naar een meertaliger Europa Na een toelichting van de Commissie bij haar verslag over de tenuitvoerlegging van het actieplan "Het leren van talen en de taalverscheidenheid bevorderen"{4] heeft de Raad een gedachtewisseling gehouden het concept "een meertaliger Europa". Het debat was vooral toegespitst op de volgende thema's: de uitdagingen en doelstellingen op dit gebied waar, op de middellange termijn (de eerste 3 tot 5 jaar), de meeste aandacht naar dient uit te gaan; de acties (bv. onderwijshervormingen, regelingen op het gebied van de lerarenopleiding, overheidsfinanciering, voorlichtingscampagnes, samenwerking met ondernemingen, enz.) die moeten worden overwogen om deze doelstellingen te verwezenlijken; de wijze waarop de Europese Unie de inspanningen van de lidstaten om die doelstellingen te verwezenlijken het best kan ondersteunen. Talrijke delegaties wezen op het belang van meertaligheid voor de sociaal- economische ontwikkeling en suggereerden diverse maatregelen om de meertaligheid te stimuleren, zoals: taalonderwijs vanaf zeer jeugdige leeftijd, maar ook een leven lang in het kader van de beroepsopleiding, het hoger onderwijs en de volwasseneneducatie; degelijke opleiding van taaldocenten; meer gebruik van nieuwe technologieën in het taalonderricht; intensivering van de uitwisselingen en bevordering van de mobiliteit; ontwikkeling van taalprogramma's die de inburgering van migranten bevorderen. Erasmus Mundus Onverminderd het advies van het Europees Parlement in eerste lezing, heeft de Raad een algemene oriëntatie bereikt over een ontwerp-besluit{5] dat ertoe strekt de looptijd van het huidige Erasmus Mundus-programma te verlengen tot het einde van het huidige financiële kader (2013). Het Erasmus Mundus-programma heeft als doel het hoger onderwijs in Europa te stimuleren zodat het gelijke tred kan houden met de besten in de wereld. De belangrijkste vernieuwingen ten opzichte van het huidige programma zijn: de uitbreiding tot de doctoraatstudie; de opneming van partnerschappen met instellingen in derde landen die via communautaire programma's op het gebied van de ontwikkelingssamenwerking worden gesteund; de stroomlijning van de administratieve procedures; Het Sloveense voorzitterschap zal de door de Raad bereikte algemene oriëntatie als uitgangspunt kunnen nemen voor een eventueel akkoord in eerste lezing met het Europees Parlement. Voorgestelde rechtsgrondslag: artikel 149, lid 4, van het Verdrag - gekwalificeerde meerderheid voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement. Modernisering van de universiteiten De Raad heeft een uitvoerige gedachtewisseling gehouden over de modernisering van de universiteiten ten behoeve van het concurrentievermogen van Europa in een mondiale kenniseconomie De delegaties hebben kort beschreven welke vorm het moderniseringsproces in hun land aanneemt. Meestal houdt het in dat de universiteiten meer autonomie en dus ook meer verantwoordelijkheid krijgen door de invoering van een MBO-aanpak (management by objectives) met doelstellingen waarop ze kunnen worden afgerekend. Tevens waren zij het erover eens dat de kwaliteit van het hoger onderwijs een zeer belangrijke innovatiefactor is en dat innovatie op haar beurt een essentiële rol speelt bij de instandhouding van het concurrentievermogen van de EU op wereldvlak. De resultaten van het debat zullen worden verwerkt in de ontwerp-resolutie over dit onderwerp. Deze zal aan de Raad in de twee betrokken formaties (Onderwijs en Concurrentievermogen) worden voorgelegd en zal worden aangenomen door de formatie waarvan de zitting het laatst valt (Concurrentievermogen). Mobiliteit van studenten: verbreding van de sociale dimensie van Erasmus De Raad heeft een gedachtewisseling gehouden over de mogelijkheid om studenten uit zwakkere sociaal-economische milieus intensievere maatschappelijke ondersteuning te bieden en zo de mobiliteitsmaatregelen voor alle studenten toegankelijk te maken. De delegaties is verzocht zich uit te spreken over financiële en andere maatregelen om deze groep studenten te helpen. CULTUUR Eerste zitting van de Permanente Partnerschapsraad EU-Rusland Het voorzitterschap en de Commissie hebben de Raad ingelicht over de resultaten van de eerste zitting van de PPR EU-Rusland op het gebied van cultuur die op 25 oktober 2007 in Lissabon plaatsvond. Die ontmoeting gaf de EU en de Russische Federatie de gelegenheid hun akkoord aangaande de toepassing van de culturele aspecten van de routekaart voor de gemeenschappelijke ruimte van onderzoek en onderwijs te bevestigen. De PPR-zitting leidde bovendien tot de aanneming van een gemeenschappelijke verklaring over de toekomstige koers van de culturele samenwerking EU- Rusland. De Raad heeft ook van gedachten gewisseld over de toekomst van de samenwerking EU-Rusland op cultuurgebied. Europese agenda voor cultuur - Resolutie van de Raad De Raad heeft de resolutie in document 14485/07 aangenomen. Culturele Hoofdstad van Europa voor 2011 Overeenkomstig Besluit 1622/2006/EG{6] heeft de Raad Turku (Finland) en Tallinn (Estland) aangewezen als culturele hoofdstad van Europa voor 2011. Het evenement "Culturele Hoofdstad van Europa" is in 1985 door de Raad gelanceerd op initiatief van mevrouw Mélina Mercouri, de Griekse minister van Cultuur, om bij te dragen tot de toenadering tussen de Europese volken. Het heeft een positieve uitwerking gehad op het vlak van media-aandacht, culturele en toeristische ontwikkeling en het streven om de inwoners bewust te maken van het belang van de verkiezing van hun stad. De steun die de EU aan dit evenement verleent voor de jaren 2007 tot en met 2019 is gereglementeerd in Besluit nr. 1622/2006/EG. JEUGDZAKEN Vrijwilligersactiviteiten van jongeren - Resolutie van de Raad* De Raad heeft de resolutie in document 14425/07 aangenomen. Transversale aanpak in het jeugdbeleid - Conclusies van de Raad De Raad heeft de conclusies in document 14426/07 aangenomen, die een aantal kernboodschappen voor de Europese Raad bevatten. Europees pact voor de jeugd De Raad heeft van gedachten gewisseld om de jeugdproblematiek beter te integreren in de uitvoering van de Lissabonstrategie. - duurzame maatregelen voor de aanneming van een nieuwe werkmethode om de doelen van de Lissabonstrategie op het gebied van jeugdzaken te realiseren; - de instrumenten voor een betere uitvoering en controle van het Europees pact voor de jeugd. De aanneming van het Europees pact voor de jeugd door de Europese Raad in maart 2005 is een erkenning, op het hoogste niveau, van het belang van de integratie van jongeren in maatschappij en beroepsleven, en van een beter gebruik van het potentieel dat zij vertegenwoordigen. Het pact bestaat uit drie delen: - werkgelegenheid, integratie en verbetering van de maatschappelijke positie; - onderwijs, opleiding en mobiliteit; - combineren van werk en privéleven. Sinds zijn aanneming is het Pact een werktuig om de jeugdproblematiek te betrekken bij de uitvoering door de lidstaten van de strategie van Lissabon. De gedachtewisseling kon tevens de weg bereiden voor een betere, vernieuwde werkmethode waarmee de doelstellingen van die strategie bereikt kunnen worden voor jongeren. In dat opzicht heeft het debat ook het proces gevoed van de evaluatie (2009) van het samenwerkingskader tussen de lidstaten betreffende jeugdzaken. DIVERSEN Voorstel voor een verordening tot oprichting van het Europees Technologisch Instituut - Informatie van het voorzitterschap over de stand van zaken Kandidaten voor Culturele Hoofdstad van Europa 2012 - Informatie van de Portugese en de Sloveense delegatie 3. Onderwijsevenementen tijdens het Portugese voorzitterschap = Slotconferentie van de 20e verjaardag van het Erasmus-programma (Lissabon, 4 en 5 oktober 2007) = Bijeenkomst op hoog niveau over de modernisering van de Europese universiteiten (Lissabon, 6 november 2007) - Informatie van het voorzitterschap Compendium van goede praktijken bij de modernisering van het hoger onderwijs - Informatie van de Commissie over de stand van zaken Gezamenlijk tussentijds verslag 2008 van de Raad en de Commissie over de vorderingen met het werkprogramma "Onderwijs en opleiding 2010" - Toelichting van de Commissie Cultuurevenementen tijdens het Portugese voorzitterschap = Conferentie "Bekendmaking en bescherming: Europese cultuur in het digitale landschap bevorderen" (Lissabon, 7-8 september 2007) = Bijeenkomst van de culturele contactpunten (Lissabon, 28 september 2007) = Conferentie "Audiovisuele online-inhoud" (Lissabon, 7-9 oktober 2007) = Conferentie "De culturele en creatieve sector - De agenda van Lissabon" (Lissabon, 31 oktober - 1 november 2007) = "Bijeenkomst van de nationale coördinatoren van het Europees jaar van de interculturele dialoog 2008" (Lissabon, 14 november 2007) - Informatie van het voorzitterschap Komende evenementen op het gebied van cultuur - "Cultureel erfgoed en de samenleving" (Lissabon, 5-6 december 2007) - Vergadering van de "European Board of Archives" (Europees orgaan van archivarissen) (Lissabon, 7 december 2007) - Informatie van het voorzitterschap 1. Bescherming van het Europees cultureel erfgoed dat zich onder water bevindt - Informatie van de Spaanse delegatie Verklaring van de EU en China op het gebied van cultuur en onderwijs - Informatie van de Commissie ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN INTERNE MARKT Chemische stoffen - REACH-verordening - uitbreiding De Raad heeft een verordening aangenomen tot aanpassing van de REACH- verordening (registratie, autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen) in verband met de toetreding van Bulgarije en Roemenië (doc. 13366/07). De verordening bevat een wijziging van de definitie van stoffen die onder een overgangsregeling vallen, zodat voor de stoffen die voor de toetreding tot de Europese Unie in Bulgarije en Roemenië gefabriceerd en in de handel gebracht werden, dezelfde voorwaarden gelden als voor die welke in de overige lidstaten gefabriceerd en in de handel gebracht worden. Beroepsprocedures inzake het plaatsen van overheidsopdrachten* De Raad heeft in eerste lezing, na overeenstemming met het Europees Parlement, een richtlijn aangenomen tot wijziging van de Richtlijnen 89/665/EEG en 92/13/EEG met betrekking tot de verhoging van de doeltreffendheid van de beroepsprocedures inzake het plaatsen van overheidsopdrachten (doc. 3634/07). Belangrijkste doel van de richtlijn is de noodzakelijke verduidelijkingen aan te brengen zodat de gehele Gemeenschap ten volle kan profiteren van de positieve effecten van de modernisering en vereenvoudiging van de regels voor het plaatsen van overheidsopdrachten die resulteerden uit de Richtlijnen 2004/18/EG en 2004/17/EG. De richtlijn voorziet in opschortende minimumtermijnen, tijdens welke de sluiting van het contract wordt opgeschort, ongeacht of die sluiting bij de ondertekening van het contract plaatsvindt of niet. De opschortende termijn moet de betrokken inschrijvers voldoende tijd bieden om het besluit tot gunning van een opdracht te onderzoeken en te beoordelen of het aangewezen is een beroepsprocedure in te leiden. VISSERIJ Overeenkomst met Madagaskar De Raad heeft een verordening aangenomen betreffende de sluiting van de partnerschapsovereenkomst in de visserijsector met de Republiek Madagaskar, en een besluit tot verdeling tussen de lidstaten van de vangstmogelijkheden die zijn vermeld in het protocol bij de overeenkomst voor de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2012 (doc. 13153/1/07 REV 1 en 13154/07). De vangstmogelijkheden die zijn vermeld in het op 16 maart 2007 gewijzigde protocol zijn vastgesteld voor drie categorieën: 1) vriesschepen voor de tonijnvisserij met de zegen: 43 vaartuigen; 2) vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug van meer dan 100 BT: 50 vaartuigen, en 3) vaartuigen voor de visserij met de drijvende beug van 100 BT of minder: 26 vaartuigen. Bovendien krijgen vijf vaartuigen gedurende twee perioden van zes maanden toestemming voor experimentele visserij met de beug of de grondbeug voor demersale soorten. ----------------------- {1] 14478/06 + 14965/07. {2] PB C 148 van 28.5.1999, blz. 1. {3] 14200/07. {4] 13346/07 + ADD 1. {5] Commissievoorstel: doc. 11708/07. PB L 304 van 3.11.2006, blz. 1.