De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA Den Haag
ons kenmerk: IZ. 2005/1087
datum: 21-04-2005
onderwerp: Exportsubsidies diertransport
Bijlagen:
Geachte Voorzitter,
Hierbij ontvangt u mijn antwoorden op de schriftelijke vragen van 14
april 2005, gesteld door het lid Vos (GroenLinks).
1
Kent u het rapport 'The subsidised trade in live cattle from the
European Union to the Middle East' dat melding maakt van
diertransporten naar onder meer landen in het Midden Oosten?
Ja.
2
Aan welke regels zijn de diertransporten gebonden?
Diertransporten zijn aan veel regels gebonden, zowel met betrekking
tot de chauffeurs van de diertransporten, de veterinaire aspecten als
de dierenwelzijnaspecten. Tegen de achtergrond van het genoemde
rapport van de CIWF beperk ik me bij de beantwoording van deze vraag
tot de regels op het vlak van dierenwelzijn.
In Nederland kennen we het Besluit dierenvervoer 1994, dat is
gebaseerd op de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwwd). In dit
besluit is Richtlijn 91/628/EEG van 19 november 1991 betreffende de
bescherming van dieren tijdens het vervoer geïmplementeerd. Genoemd
besluit regelt met name de maximale reisduur en (minimale) condities
waaronder transport van dieren moet plaatsvinden.
Daarnaast regelt Verordening (EG) nr. 639/2003 de vaststelling van de
uitvoeringsbepalingen met betrekking tot de voor de toekenning van
uitvoerrestituties te vervullen voorwaarden in verband met het welzijn
van levende runderen tijdens het vervoer. Hiermee is de uitbetaling
van exportrestituties afhankelijk gemaakt van het voldoen aan de
dierenwelzijnregels.
Onlangs is Verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad van 22 december
2004 inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer
totstandgekomen. In deze verordening zijn onder meer betere
handhavings- en controlemogelijkheden opgenomen
(satellietnavigatiesysteem) en strengere eisen aan de opleiding en de
autorisatie van transporteurs (certificering). De verordening geeft
verder een duidelijker verantwoordelijkheidsverdeling bij het
transport waardoor een 'overtreder' beter kan worden aangewezen. Niet
alleen de transporteur maar ook de chauffeur of opdrachtgever kan dan
worden aangesproken op het niet naleven van dierenwelzijneisen. De
nieuwe verordening zal met ingang van 5 januari 2007 van toepassing
zijn. Na enkele jaren zal een evaluatie van deze verordening
plaatsvinden, waarbij gekeken wordt of de bepalingen ten aanzien van
reisduur en condities moeten worden aangescherpt.
3
Is het waar dat bij deze transporten nauwelijks sprake is van controle
van de regels en dat de dieren onvoldoende eten en drinken krijgen?
Dit is een verkeerde voorstelling van zaken. Tot aan de grens van de
Gemeenschap is het controleregime van toepassing zoals dat geldt voor
het intracommunautair handelsverkeer. Verder gaat de export van
levende runderen naar derde landen, waarvoor restituties zijn
aangevraagd, vergezeld van de volgende controles, zoals bepaald in
Verordening (EG) nr. 639/2003:
* Bij het verlaten van de Gemeenschap wordt door een officiële
dierenarts gecontroleerd of de voorwaarden van Richtlijn
91/628/EEG vanaf de plaats van vertrek tot aan de plaats waar de
dieren de Gemeenschap verlaten zijn vervuld en of de
vervoersomstandigheden tijdens de verdere reis in overeenstemming
zijn met de voorschriften van genoemde richtlijn en of de nodige
maatregelen zijn getroffen om de inachtneming ervan tot de eerste
lossing in het derde land van de eindbestemming te verzekeren.
* Nadat de dieren het douanegebied van de Gemeenschap hebben
verlaten, moet de exporteur ervoor zorgen dat de dieren een
controle ondergaan door een erkende instantie op elke plaats van
overlading in een ander vervoermiddel, tenzij de overlading niet
voorzien was en veroorzaakt wordt door uitzonderlijke en
onvoorziene omstandigheden.
* Op de eerste lossingplaats in het derde land van de eindbestemming
wordt door een erkende instantie gecontroleerd of de dieren zijn
getransporteerd in overeenstemming met Richtlijn 91/628/EEG.
* Zonder verklaringen van de genoemde erkende instanties in derde
landen worden exportrestituties niet uitbetaald.
Deze omvangrijke controles kunnen misstanden echter nooit helemaal
uitsluiten.
4
Is het waar dat, zoals in het artikel 'Europese Unie verschaft
subsidie aan dierenleed' staat, Nederlandse exporteurs van levend vee
jaarlijks ca. 2,5 miljoen Euro subsidie krijgen voor het exporteren
van dat vee?
De genoemde 2,5 miljoen Euro heeft betrekking op het bedrag dat in
2003 aan Nederlandse exporteurs is toegekend voor de export van levend
vee.
5
Wat is de omvang van de subsidie die de Nederlandse sector over de
afgelopen jaren heeft ontvangen?
Onderstaand treft u een overzicht aan van de exportrestituties voor
levende runderen, die de Nederlandse sector de afgelopen vijf jaar
heeft ontvangen.
2000 2001 2002 2003 2004
EUR 7.853.809 EUR 2.573.760 EUR 1.796.709 EUR 2.509.281 EUR 3.899.433
6
Voor welke dieren is deze subsidie beschikbaar en gaat het daarbij om
slachtvee, fokdieren of andere categorieën?
De exportrestituties voor levende runderen zijn beschikbaar voor
vrouwelijk fokvee jonger dan 30 maanden en voor mannelijk slachtvee
met bestemming Libanon en Egypte (deze laatste bestemming is op dit
moment overigens niet mogelijk in verband met de BSE-ban in Egypte).
De export van slachtvee naar derde landen vanuit Nederland is echter
gering: ruim 98% van de aangevraagde exportrestituties in Nederland
betreffen restituties voor fokvee.
7
Hoe verhoudt het transport van dieren naar landen buiten de EU,
waaronder het Midden-Oosten, zich tot het streven van de Nederlandse
regering om in Europees verband te komen tot een beperking van de
maximumduur voor het diertransport?
Zoals blijkt uit het antwoord op vraag 2, voorziet de nieuwe
Verordening (EG) nr. 1/2005 niet in een verdere beperking van de
maximum reisduur en zal 4 jaar na inwerkingtreding van deze
verordening opnieuw worden bezien of de maximum reisduur nader moet
worden beperkt.
8
Is het waar dat de exportsubsidies voor levend vee gestart zijn in een
periode van overproductie, dat die overproductie nu niet meer aan de
orde is; en dat dus de exportsubsidie ook niet meer legitiem is? Zo
neen, waarom niet?
De exportrestituties zijn indertijd ingesteld als compensatie voor de
handel voor de door de EU-marktordeningen gecreëerde hogere
kostprijzen voor belangrijke grondstoffen als granen en dergelijke.
Eén van de negatieve gevolgen van dit beleid was het ontstaan van
overproductie. Inmiddels heeft de EU gekozen voor een meer
marktgericht beleid, waarbij de prijzen op de Europese markt richting
wereldmarktprijzen zijn aangepast, en dus ook de grond voor
exportrestituties sterk is verminderd. Wat Nederland betreft worden
alle exportrestituties, dus ook die op levende runderen, uitgefaseerd.
Afspraken hierover worden gemaakt in het kader van de Doha-ronde.
Gelet op de huidige marktsituatie (de EU is inmiddels netto-importeur
van rundvlees) zal afschaffing van de restituties op levende runderen
naar verwachting geen grote nadelige gevolgen hebben voor het
evenwicht op de Europese markt.
9
Bent u bereid in Europees verband te pleiten voor een onmiddellijke
stop van de subsidies op de export van levend vee naar landen buiten
de EU? Zo ja, wilt u dit op de eerstvolgende Europese landbouwraad
doen? Zo neen, waarom niet?
Denemarken heeft inmiddels aangekondigd op de eerstvolgende
Landbouwraad een verzoek in te dienen om de exportrestituties op
slachtrunderen af te schaffen. Ik zal Denemarken daarin steunen. Gelet
op de problematiek rond het dierenwelzijn bij transport van levende
runderen en gelet op het imago van de landbouw acht ik het stimuleren
van de export van slachtrunderen naar derde landen - door het betalen
van exportrestituties - niet langer acceptabel. Hoewel de kans op
overtredingen bij het transport van fokrunderen over het algemeen
geringer is (het gaat immers om waardevolle dieren die dienen als
uitgangsmateriaal voor de opbouw van een hoogwaardige veestapel), sta
ik echter ook open voor een discussie over afschaffing van
exportrestituties voor fokrunderen. Afschaffing daarvan zal weinig
impact hebben op de concurrentiepositie van de Nederlandse sector,
aangezien zo'n afschaffing ook haar concurrenten zou treffen, die
immers in hoofdzaak te vinden zijn in andere EU-lidstaten. Ik wil
daarbij overigens wel aantekenen dat de huidige koppeling tussen de
exportrestituties en de dierenwelzijnregels - die bij schrapping van
de restituties logischerwijs komt te vervallen - een extra stimulans
is om het dierenwelzijn in acht te nemen.
10
Wilt u deze vragen beantwoorden vóór het overleg met de vaste
commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit op 21 april 2005
over de landbouwraad van 26 april 2005?
Ja.
De minister van Landbouw, Natuur
en Voedselkwaliteit,
dr. C.P. Veerman
Rapport Compassion in World Farming, H. Pickett, 2005;
www.ciwf.org.uk/stopthebullschip.
De Volkskrant, 8 april jl.
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit