Nieuws
15 jun 2004 - Inbreng De Krom bij debat over
rapport 'Innovatie in het energiebeleid'
Inbreng Paul de Krom (VVD) bij het algemeen overleg met de minister van
Economische Zaken over het rapport 'Innovatie in het energiebeleid' en
het voorstel subsidiebedragen MEP-regeling en voor WKK op dinsdag 15 juni
2004.
Ik begin met een verhaaltje. Stel dat ik voorzitter zou zijn van een Raad
van Bestuur en een ambitieuze medewerker heeft tijd gevraagd om een
investeringsplan voor windenergie te verdedigen. Kosten: 8 tot 15
miljard, grofweg een paar keer de kosten voor de aanleg van de
deltawerken of de Betuwelijn. De moeite waard dus om daar goed voor te
gaan zitten. Maar gaandeweg merk ik dat ik onrustig op mijn stoel begin
te schuiven. De jongeman meldt dat de onzekerheidsmarge v.w.b. de kosten
hoog is. Ik bedenk dat die dan in de praktijk nog wel eens hoger zou
kunnen uitvallen. Vervolgens zegt hij dat de kosten hoog lijken, maar dat
de contante waarde door een hoge rekenrente toch nogal meevalt. Waar
denkt hij eigenlijk die miljarden vandaan te halen die ik nu opzij moet
zetten tegen een rente van 6%?
Ik vraag wat het oplevert. De jongeman kijkt beduusd, die heeft hij niet
in kaart kunnen brengen. Nu word ik boos en vraag hem hoe denkt dit
verhaal aan de aandeelhouders uit te leggen. Grote onzekerheidsmarges,
geen inzicht in het rendement?
Hij werpt tegen dat ondanks dat hij gelooft dat windenergie een
veelbelovende optie is en blijft met een potentieel grote bijdrage aan de
verdere verduurzaming van de energiehuishouding. Verbaasd vraag ik hem
waarom hij dan in een recent interview over dezelfde windenergie zegt dat
dit niet de duurzame energiebron van de toekomst is terwijl hij nu
voorstelt om er miljarden in te stoppen? Ik overweeg om zijn hersenpan
open te breken om daar wat verstand in te stoppen, maar besluit
uiteindelijk om dat niet te doen.
Dit verhaal lijkt ongeloofwaardig, maar is het helaas niet. Want dit
scenario is wat de minister van EZ ons voorschotelt in zijn rapport
'Innovatie in het energiebeleid'. De aandeelhouders van de BV Nederland
wordt gevraagd - let op, stilzwijgend! - in te stemmen met een miljarden
verslindend project zonder dat kosten en baten duidelijk in kaart kúnnen
worden gebracht. Het onderliggende ECN rapport maakt het nog bonter.
Volgens ECN 'staat de technologie nog aan het begin van de leercurve'.
Weet ECN dan niet dat aan de technologie niet veel meer te verbeteren
valt? We staan niet aan het begin maar aan het einde van de
technologische leercurve. Of wordt bedoeld de leercurve van het plaatsen
van windmolens op zee? Graag een toelichting van de minister.
Windenergie levert behalve voor het milieu ook voor de
voorzieningszekerheid weinig op. Wind is duurzaam, maar windenergie niet.
We kijken straks alleen TV als het waait. Wind is schoon en gratis, maar
het waait nu eenmaal niet altijd. Zelfs zo weinig, dat de productiefactor
op land niet boven de 15% uitkomt en die op zee niet boven de 32%. Als
het gaat om grote vermogens gaat moeten conventionele centrales
bijspringen. Hoeveel capaciteit nodig is, is volgens ECN moeilijk te
zeggen. Maar het KIVI zegt dat wel: 75% fall-backcapaciteit moet worden
aangehouden. Hoe verhoudt zich dat met tabel 3.5 uit het ECN rapport op
bladzijde 22?
Kortom: door het beleid van deze minister gaan we 3 keer voor onze
energie betalen: 1) door windenergie met enorme bedragen te subsidiëren,
2) door het duurder maken van fossiele brandstoffen en 3) door
conventionele centrales aan te houden voor als de wind wegvalt. Consument
en belastingbetaler: tel uit je winst!
In de geraadpleegde literatuurlijst bij het ECN rapport zie ik een
rapport van Greenpeace. Nu respecteer ik die organisatie als actiegroep
maar niet bepaald als wetenschappelijke autoriteit. Ik zie verwijzingen
naar rapporten van het bureau Garrad Hassan, een bureau dat in opdracht
van de windindustrie werkt, en naar de British Wind Energy Association,
een Engelse lobbyclub. Wat natuurlijk ontbreekt zijn de publicaties van
Prof. Lukkes, Prof. Kreuger en Ir. Halkema, die gemotiveerd aantonen
waarom windenergie niet de duurzame bron van de toekomst is. Zij zijn het
dus eens met de minister van EZ, met dat verschil dat de minister gewoon
doorgaat met zijn plan om miljarden te spenderen.
De minister meldt vrolijk dat het kabinet de motie de Krom/Hessels heeft
uitgevoerd. Ik bewonder de minister om zijn optimisme, maar dit is toch
echt een misverstand. Behalve de onduidelijkheden waarover ik al sprak,
zijn de gevolgen voor de voorzieningszekerheid niet in kaart gebracht,
noch de gevolgen voor de elektriciteitsprijzen. Huiswerk dus overdoen wat
mij betreft. Ik heb in het overleg van 2 maart al gezegd dat mijn fractie
zich tegen de verdere aanleg van windparken op zee zal uitspreken als er
geen duidelijkheid over kosten/baten van de kan van het kabinet zou
komen. Ik heb nu een jaar lang geprobeerd inzicht te krijgen in die
kosten en baten, maar tevergeefs. Geloof en hoop zijn te mager als het
gaat om richting belastingbetalers een mogelijke uitgave van 15 miljard
te verantwoorden. Ik weet zeker dat MIJ dit in ieder geval niet gaat
lukken, deze hete steen gooi ik liever in de vijver van de groene
gelovigen. Ik vraag aan de Minister of hij kosten en baten in balans
vindt. Houdt de minister vast aan zijn plan?
De minister stelt in het rapport Innovatie in het energiebeleid dat 6000
MW op zee geen heilig moeten is en geen blanco cheque wordt uitgegeven.
Ik ga verder: wat mij betreft heeft de Minister de uitdrukkelijke
toestemming van het parlement nodig voordat hij zich juridisch bindt aan
elke volgende stap in de uitbreiding van het windpark op zee. Kan de
minister toezeggen dat hij een dergelijke beslissing telkens vóóraf ter
goedkeuring aan het parlement voorlegt?
Verder lees ik in het rapport Innovatie in het energiebeleid dat de
inspanningen er op zijn gericht om ook de EU doelstelling voor duurzame
elektriciteit op de meest kosteneffectieve wijze te realiseren. Enig
bewijs dat de overheid dit ook doet heb ik niet in het rapport kunnen
vinden. Graag duidelijkheid hierover. Verder staat het stuk bol van het
verplaatsen van lucht. Ik heb een aantal deelnemers aan de transitiepaden
gebeld om hun mening te vragen, en die blijken er min of meer plichtmatig
bij te zitten. Welke concrete resultaten wil de Minister nu hebben
bereikt aan het einde van deze kabinetsperiode? Waar is de link met het
Innovatieplatform, waarvan we trouwens niets anders vernemen dan
oorverdovende stilte? Worden er nog keuzes gemaakt en zo ja wanneer, op
welke technologieën Nederland zich specifiek gaat richten? Waar is de
relatie met het 7de kaderprogramma van de EU? Ik vind het stuk vaag. Ik
kreeg rillingen van enthousiasme bij het zien van de Netwerk documentaire
over waterstof afgelopen zondag, maar boog mismoedig het hoofd toen ik
dit stuk las. Zo krijg je geen man op mars.
Maar ik heb het beste voor het laatst bewaard: toekomstig gebruik van
kernenergie of kernfusie komt in het stuk geheel niet voor. Naar goed
Nederlands gebruik wordt het onderwerp ook in dit stuk zorgvuldig
vermeden. Maar de minister van EZ is vóór een discussie op Europees
niveau. Laat ik nou altijd hebben gedacht dat wij ook deel uitmaakten van
die EU. Kortom: wij zien hier een minister met een NIMBY (Not In My
Backyard) syndroom. Wij importeren vrolijk kernenergie uit Frankrijk,
terwijl onze Regering Borssele wil sluiten en de Europese regering, ofwel
de Commissie, kernenergie juist aanmoedigt. In een reactie op de bouw van
de nieuwe 1600 MW centrale in Finland stelt de Commissie in een
toelichting, en ik citeer: 'de nieuwe centrale is goed voor de
voorzieningszekerheid en voor de variëteit in elektriciteitsopwekking.
Het laat ook zien dat nucleaire energie een substantiële bijdrage kan
leveren aan duurzame ontwikkeling in de strijd tegen klimaatverandering'.
Met Lovelock op het nachtkastje. Maar intussen moet Borssele nog steeds
dicht. Hoe staat de regering tegenover deze onbegrijpelijke nucleaire
spagaat? Overweegt het kabinet in het licht van deze ontwikkelingen om
het voorgenomen besluit over Borssele nog eens tegen het licht van de
logica te houden? Graag een reactie.
Tenslotte een enkel woord over de MEP. Er komt nog een evaluatie in juli
naar de Kamer toe. Ik vraag de regering om te onderzoeken in hoeverre de
MEP kan worden aangewend voor het stimuleren van grote
zonnetechnologieprojecten in Nederland. Ik zou daarbij ook graag een
reactie van het kabinet willen op de kritiek van de Rekenkamer op de
systematiek van de MEP.
VVD