Brieven aan de Kamer
---
Verslag van de reis naar de West
4-6-2004 10:48:00
Overeenkomstig het verzoek van uw Kamer (58-def-2004) en in aanvulling op mijn brief van 26 april jl. ter aanbieding van het verslag van mijn werkbezoek aan de Nederlandse Antillen, Aruba en Suriname, informeer ik u gaarne over afspraken met betrekking tot vervolgactiviteiten die verband houden met mijn bezoek.
Tijdens mijn bezoek aan de Nederlandse Antillen is gesproken over de mogelijkheden tot uitbreiding van de Antilliaanse militie van 90 naar 150 dienstplichtigen per jaar in het kader van het project Toekomst Antilliaanse Militie (TAM). Dit project omvat concrete maatregelen ter verruiming van de mogelijkheden voor Antilliaanse jongeren tot deelname aan de dienstplicht, alsmede maatregelen ter verbetering van de carrièremogelijkheden van deze dienstplichtigen, zoals het aanbieden van opleidingen die op de arbeidsmarkt zijn toegesneden. In deze nieuwe opzet volgen de dienstplichtigen een militaire opleiding van zes maanden, gevolgd door een civiele opleiding van zes maanden. De minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties heeft zich onlangs bereid verklaard voor een periode van 3 jaar de financiering van dit project op zich te nemen. Deze komt ten laste van Hoofdstuk IV van de Rijksbegroting. De uitbreiding van de ANTMIL van 90 naar 150 dienstplichtigen per jaar wordt over enkele maanden, met de opkomst van de eerstvolgende lichting dienstplichtigen, in gang gezet.
Tijdens mijn bezoek aan Suriname heb ik met minister Assen van Defensie in het kader van de bilaterale defensiesamenwerkingsrelatie onder meer gesproken over kustwachtsamenwerking, jungletraining en de nazorg van veteranen. Wat betreft de eventuele mogelijkheden voor samenwerking op het gebied van de kustwacht worden thans voorstellen terzake van Suriname afgewacht. Over de jungletraining werd afgesproken dat een statusregeling voor de Nederlandse militairen die hiervoor noodzakelijk is en waartoe Nederland voorstellen had gedaan, zo snel mogelijk tot stand zou worden gebracht. De Surinaamse regering heeft op 20 mei jl. ingestemd met deze statusregeling.
Tenslotte kan ik u melden dat mijn toezegging aan minister Assen is nagekomen om aan het Surinaamse ministerie van Defensie technische ondersteuning in de vorm van expertise en deskundigheid vanuit Nederland ter beschikking te stellen ten behoeve van het opstellen van een behoeftestelling op het gebied van militaire gezondheidszorg voor Surinaamse militairen, met inbegrip van de nazorg voor veteranen. Defensie heeft deze ondersteuning inmiddels geleverd.
DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE
Nieuws Nieuwsberichten