In 2003 werkten er 175.090 mensen in het onderwijs. Samen
meldden ze zich 2.290.196 dagen ziek. In 2002 bedroeg het
aantal ziektedagen 2.386.549 en in 2001 2.389.934. Nochtans
werkten er in die jaren minder mensen in het onderwijs
(169.902 in 2002 en 163.242 in 2001).
Dat blijkt uit het rapport 'ziekteverzuim 2003' van het
departement Onderwijs van de Vlaamse gemeenschap en van Gecoli
die de controle op het ziekteverzuim uitvoert. Het rapport
geeft een beeld over het aantal ziektedagen en ziektegevallen
die werden meegedeeld door het onderwijspersoneel
(uitgezonderd de personeelsleden van de Hogescholen).
Volgens het rapport daalt het ziekteverzuim dus. In 2001
bedroeg het ziekteverzuimpercentage onder het
onderwijspersoneel 5,28%, in 2003 nog 4,26%. Het
ziekteverzuimpercentage is dus met ongeveer 20% afgenomen. Ook
het gemiddelde aantal ziektedagen per personeelslid is gedaald
van 19,21 dagen in 2001 tot 15,56 dagen in 2003.
In absolute cijfers is er in de periode 1999 tot 2003 een
daling van bijna 250.000 ziektedagen, een daling van ongeveer
10%. Dit resultaat kwam er ondanks een toename van het aantal
personeelsleden, zodat de daling eigenlijk hoger is dan de 10%
aangeeft.
Van de ziektegevallen hebben 70,41% van de gevallen een
ziekteperiode van 1-10 dagen, 14,30% een ziekteperiode van 11-
30 dagen, 12,79% een ziekteperiode van 31-180 dagen en 2,50%
een ziekteperiode van meer dan 180 dagen.
Twee op de drie personeelsleden (64%) hebben zich het voorbije
jaar nooit ziek gemeld.
Als het gemiddelde aantal ziektedagen per geslacht en per
leeftijdsgroep bekeken wordt, is de afname bij elke
leeftijdsgroep, zowel bij mannen als bij vrouwen, merkbaar.
Alleen de groep van de vrouwen tussen 56 en 65 jaar is er geen
daling het afgelopen jaar en ook niet ten opzichte van het
jaar 2001.
Bij een vergelijking tussen de provincies zijn de Oost-Vlaamse
mannelijke leerkrachten (gemiddeld 13,25 dagen in 2003) en de
West-Vlaamse vrouwelijke leerkrachten het minst ziek
(gemiddeld 13,44 dagen in 2003). De Limburgse mannelijke
leerkrachten (24,20 dagen in 2003) en de Limburgse vrouwelijke
leerkrachten (19,67 dagen in 2003) zijn het meest ziek. Wel
was de daling van het aantal ziektedagen in Limburg de
afgelopen jaren het sterkst (in 2001 nog 37,09 en 29,06 dagen
voor respectievelijk de mannelijke en vrouwelijke leerkrachten
uit Limburg). Vlaams-Brabant is de enige provincie waar het
aantal ziektedagen steeg de afgelopen jaren.
Als men de ziektedagen opdeelt per aandoening, dan merkt men
dat zowel bij mannen als bij vrouwen psycho-sociale
aandoeningen het hoogst scoren (respectievelijk 46,59% bij
mannelijke leerkrachten en 39,06% bij vrouwelijke
leerkrachten) gevolgd bij de mannelijke leerkrachten door de
rug 10,32%, de gewrichten 7,41%, cardiologische aandoeningen
6,35% en de griep 4,95%. Bij de vrouwen is de tweede
aandoening ook de rug 10,72% gevolgd door gynaecologische
aandoeningen 8,59%, de griep 7,66% en de ledematen 4,59%.
Info : Jo De Ro, woordvoerder van minister Vanderpoorten -
tel. (0475) 98 33 73 - (02) 553.99.23 -
fax. (02) 553 99 19
e-mail: persdienst.vanderpoorten@vlaanderen.be
---
Vlaamse overheid