HOOGHEEMRAADSCHAP VAN RIJNLAND
Symposium over veen, water en vee in Archeon
Het hoogheemraadschap van Rijnland heeft samen met melkveehouders,
onderzoekers en het Rijk onderzoek gedaan naar welke bronnen zorgen
voor een teveel aan voedingsstoffen in het water in veenweidegebieden.
De onderzoeksresultaten worden gepresenteerd tijdens het symposium
Veen, water en vee op vrijdag 4 juni aanstaande in het Archeon, Alphen
a/d Rijn. Presentator is Astrid Joosten. Het symposium is tegelijk een
doorstart om samen met agrariërs te discussiëren over maatregelen ter
verbetering van de waterkwaliteit in veenweidegebieden. Tweede
kamerlid Jan Geluk van de VVD geeft tijdens het symposium een
toelichting op mestwetgeving en waterkwaliteit. Voor meer informatie
of aanmelden voor dit symposium kunt u bellen met het
hoogheemraadschap van Rijnland: Tel. 071-5168425.
Het oppervlaktewater in veenweidegebieden binnen Rijnland en
daarbuiten heeft last van een teveel aan voedingsstoffen. Dit was de
aanleiding voor het hoogheemraadschap van Rijnland om in 1999 een
onderzoek te starten dat de verschillende bronnen van voedingsstoffen
in kaart brengt en bepaalt wat de bijdrage is van iedere bron aan het
totaal van voedingsstoffen, het zogenaamde Veenweideproject.
Daarbij zijn in een representatieve veenweidepolder, de Vlietpolder in
Hoogmade, alle stromen van verschillende bronnen van voedingsstoffen
gedetailleerd in kaart gebracht. Hierbij hebben waterbeheerders,
melkveehouders, onderzoekers en het Rijk intensief samengewerkt.
Resultaten
De resultaten van het onderzoek laten zien dat de voedingsstoffen uit
de percelen komen en het water belasten in de polder. Het water uit de
polder belast vervolgens de boezem, omdat het gemaal het overtollige
water met voedingsstoffen uit de polder pompt. De ontwatering van de
polder veroorzaakt via het peilbeheer de grootste bron van
voedingsstoffen. De afbraak van veen en het veenwater zijn belangrijke
bronnen, naast de meststoffen die in de landbouw worden gebruikt.
Daarbij levert de zomer een ander beeld op dan de winter. Het blijkt
van groot belang te zijn deze seizoenen te onderscheiden, omdat de
waterstromen anders zijn. Het waterpeil in de sloten speelt dus een
belangrijke rol in de waterkwaliteit. Maatregelen verschillen daarom
per seizoen. Naast de hoeveelheid meststoffen bepaalt ook het niveau
van het water de waterkwaliteit.
Maatregelen
Aan de hand van de resultaten wordt gekeken naar maatregelen om het
teveel aan voedingsstoffen in het oppervlaktewater terug te dringen.
De uitvoering van maatregelen vindt bij voorkeur plaats met de
betrokken melkveehouders in en om de Vlietpolder bij Hoogmade.
Het Veenweideproject heeft sterk bijgedragen aan het bewuster omgaan
met meststoffen in de bedrijfsvoering door de melkveehouders in de
Vlietpolder. De ervaringen die daarbij zijn opgedaan worden ook
doorgegeven aan alle melkveehouders in veenweidegebieden binnen
Rijnland.
Ook voor de Kaderrichtlijn Water van de Europese Unie moet er door
waterbeheerders, gemeenten en de landbouw nog heel wat gedaan worden
om de waterkwaliteit te verbeteren. Het is nog niet duidelijk wat
daarbij uiteindelijk de normen worden, maar dat Brussel huidige normen
gaat aanscherpen, is een ding dat zeker is. Mogelijk dat het Rijk met
de resultaten van het Veenweideproject nog iets richting Brussel moet
ondernemen. Want de resultaten laten duidelijk zien dat veenwater een
ondergrens levert aan voedingsstoffen.
Voedingsstoffen en waterkwaliteit
Verwacht werd dat dalingen in het meststofoverschot in de
bedrijfsvoering van de melkveehouders, ook al een daling zou laten
zien van de meststofbelasting op het land en uiteindelijk in het
oppervlakte- en grondwater. Dit is echter nog niet het geval. Aan de
kwaliteit van het oppervlaktewater is nog niets te meten. Dit komt
door de weersomstandigheden en de eigenschappen van de veengrond. De
verlaging van het meststofoverschot heeft als milieudoel een lagere
belasting door meststoffen van het water te bereiken.
02 jun 04 12:20