Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer Postbus 90801
2509 LV Den Haag der Staten-Generaal Anna van Hannoverstraat 4 Binnenhof 22 Telefoon (070) 333 44 44
2513 AA `s-GRAVENHAGE Telefax (070) 333 40 33

Uw brief Ons kenmerk

29 april 2004) SV/V&V/04/32418

Onderwerp Datum
AOW 1 juni 2004

Bij brief van 29 april jl. reageert de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid op mijn schriftelijk antwoord naar aanleiding van uw vragen op de notitie "Doorwerking internationaalrechtelijke uitspraken in de nationale praktijk en wetgeving". De vaste commissie merkt daar in op nog een informatieve vraag beantwoord te willen zien over de wettelijke maatregel die een einde moest maken aan het zogenaamde AOW-gat.
Zij vraagt zich in dat verband af hoe het zit met de zogenaamde toekomstige gevallen, dat wil zeggen vrouwen met een mogelijk verboden gat in de AOW-opbouw die de AOW-gerechtigde leeftijd nog moeten bereiken?.

Ik wil op deze vraag als volgt reageren. Met de Wet van 12 december 2002 (Staatsblad 2003, nr.40), is in de AOW een bepaling opgenomen op grond waarvan de korting op het ouderdomspensioen van 2% voor elk jaar dat de pensioengerechtigde niet verzekerd is geweest, niet geldt voor vrouwelijke pensioengerechtigden die tussen 1957 en 1985 niet verzekerd waren omdat hun echtgenoot in die periode niet verzekerd was. Tot de doelgroep behoren dus ook vrouwen die nog pensioengerechtigd moeten worden. Ook voor hen geldt dat zij straks niet gekort worden op hun AOW-pensioen, alleen vanwege het feit dat de echtgenoot in de bewuste periode niet verzekerd is geweest.
Ik vertrouw er op de vaste commissie met deze brief in voldoende mate te hebben geïnformeerd.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,

(M. Rutte)